Allengs minder leuk
17 november 2004, Ruben Vis
De koningin heeft aan Amsterdam gevraagd wat haar bijdrage zou
kunnen zijn. In antwoord daarop wordt zij naar een jongerencentrum
op de Overtoom gedirigeerd. Is dat de juiste plek waar Beatrix
naar toe had kunnen gaan? Een van de jongerenwerkers vertelde
mij vorig jaar dat hij was geprovoceerd door het voor het Vredespaleis
plaatsen van de restanten van een door een zelfmoordaanslag getroffen
Israëlische bus. Kennelijk had hij niet begrepen dat die
bus een boodschap vertolkte aan het adres van de rechters in het
Vredespaleis, en niet naar Nederland was vervoerd voor een jongerenwerker
uit Amsterdam-West.
De moord op Van Gogh werd gemotiveerd in de op zijn borst achtergelaten
brief. Daarin werd een beperkt aantal politici genoemd waarvan
ik alleen maar hoop dat Beatrix op persoonlijke en door hen discreet
behandelde wijze haar steun en medeleven heeft geuit. Wie verder
werden door Mohammed B., waarvan steeds meer duidelijk wordt dat
hij in een netwerk zat met internationaal terroristische contacten,
als doelwit gezien?
Duidelijk: de VVD en de gelovige joden. Een volkspartij die vrijheid
in haar naam en vaandel draagt en een bevolkingsgroep die zich
onderscheidt omdat het overal en altijd een minderheid is. De
kunst van democratisch besturen is niet zozeer dat de meerderheid
beslist, maar dat de meerderheid het voor minderheden hier ook
nog leuk weet te houden. Een al vier eeuwen bestaande minderheid
vindt het hier allengs minder leuk. Ik ben de afgelopen weken
door minstens drie, vier verschillende functionarissen van het
Amsterdamse gemeentebestuur gevraagd hoe de joodse gemeenschap
op het tumult in de samenleving reageert. Geen daarvan had zich
gerealiseerd dat juist deze bevolkingsgroep met naam en toenaam
op de dodenlijst-brief van Mohammed B. voorkwam. Het was alleen
VVD-fractieleider Van Aartsen die op dat punt onmiddellijk heldere
taal sprak.
In eerste instantie was de joodse reactie op de afgrijselijke
moord op Van Gogh geen andere dan die van de doorsnee Nederlander.
Maar toen de inhoud van de brief naar buiten kwam, sloeg de angst
om het hart. Het jihadistisch geweld, dat zich eerder manifesteerde
in terreurdaden te Jeruzalem, Tel Aviv, Casablanca, Istanboel,
New York en Madrid heeft zich ook in Nederland gevestigd. De joodse
bevolking is daarvan een doelwit, maar wat biedt de overheid?
Die stelde de vraag of vanuit de joodse gemeenschap er rekening
zou moeten worden gehouden met acties na de dood van Arafat. Wat
een waanzinnige vraag, juist in deze tijden! Wie enige kennis
heeft van de geschiedenis van de joden in Nederland, begrijpt
hoe onbegrepen wij ons voelen. In die geschiedenis heeft de joodse
bevolking overigens haar eigen integratie verzorgd en steeds nieuwe
groepen joodse immigranten opgevangen en in de Nederlandse samenleving
zien instromen.
De woordvoerders van twee immigranten-jongerengroepen kwamen vorige
week opvallend in het nieuws. Juist terwijl duidelijk werd dat
alleen al een half miljoen Roemeense joden in WO II is vermoord,
beweerde een inmiddels tot aftreden gedwongen Turkse jongerenvoorman
dat slechts een paar duizend joden in heel Europa het leven lieten.
Je zou denken dat een Turkse jongerenbeweging wel iets anders
heeft te doen dan het getal van de 6 miljoen vermoorde joden ter
discussie te stellen.
Een bestuurslid van een vereniging van hoog opgeleide Marokkanen,
die de veelzeggende naam Umah (= moslimgemeenschap) draagt, stelt
White Power-brandstichters gelijk met minister Verdonk, verwijt
in één uitspraak dat Israel ten onrechte Arafat
als een misdadiger heeft behandeld, en dat het westen toch altijd
tegen ‘ons’ is. De jongeman is jurist en psychiater.
Eerder waren het een geschiedenisleraar en een beleidsambtenaar
van het ministerie van Sociale Zaken die in hun vrije tijd vanuit
hun islamitisch geloof de samenleving wilden doordringen van de
minderwaardigheid van homoseksualiteit. Dat zelfs de koningin
de verkeerde kant op wordt gestuurd, bewijst hoe zeer de samenleving
het spoor bijster is. |